Wetenschappers die onderzoeksgeld aanvragen, hebben steeds minder kans om een beurs binnen te halen. Financiers in Europa en Nederland krijgen veel meer subsidieaanvragen dan voorheen, mede doordat kunstmatige intelligentie het eenvoudig maakt om snel een verzorgd onderzoeksvoorstel te schrijven. Het aantal beurzen blijft gelijk, dus de slagingskansen dalen. Volgens experts die Trouw sprak, is het systeem zo niet houdbaar. Bij de Europese Onderzoeksraad maakt nog geen vijf procent van de jonge onderzoekers kans op een Starting Grant. Het Nederlandse NWO verwacht binnenkort dat de slagingskans voor één beurs onder de tien procent zakt.
- Voor de ERC Starting Grant 2027 meldden zich 7.710 beginnende wetenschappers, van wie er 373 financiering krijgen.
- Het Europese Marie Curie-programma kreeg dit jaar 21.627 aanvragen, bijna 27 procent meer dan vorig jaar.
- NWO streeft naar een toekenningspercentage van 20 tot 25 procent, maar ziet de slagingskans dalen.
- Onderzoeker Serge Horbach (Radboud Universiteit) wijst de opkomst van AI aan als een van de oorzaken.
Europese en Nederlandse financiers worden overspoeld met aanvragen
De cijfers van de Europese programma’s laten zien hoe groot de druk is. De European Research Council (ERC), de Europese organisatie die fundamenteel onderzoek financiert, ontving voor de Starting Grant van 2027 aanvragen van 7.710 wetenschappers aan het begin van hun loopbaan. Die beurs is bedoeld voor onderzoekers die een eigen onderzoekslijn willen opzetten. Slechts 373 van hen krijgen geld, een slagingskans van minder dan vijf procent.
Bij het Marie Curie-programma van de EU, dat onder meer de opleiding en mobiliteit van onderzoekers ondersteunt, kwamen dit jaar 21.627 aanvragen binnen. Dat zijn er bijna 27 procent meer dan een jaar eerder.
Ook in Nederland is de trend zichtbaar. Een woordvoerder van NWO, de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek en de belangrijkste nationale financier van wetenschappelijk onderzoek, zegt tegen Trouw dat de slagingskans daalt. “We streven naar een toekenningspercentage van 20 tot 25 procent, omdat anders te veel wetenschappers voor niets bezig zijn met zo’n tijdrovende aanvraag. Maar we zullen waarschijnlijk binnenkort moeten melden dat voor één beurs de slagingskans onder de 10 procent is gezakt.” Om welk programma het gaat, zei de woordvoerder niet.
AI maakt aanvragen gladder, maar niet altijd beter
Serge Horbach, die aan de Radboud Universiteit onderzoek doet naar het wetenschapssysteem, ziet AI als een deel van de verklaring. Wetenschappelijke tijdschriften en congressen kregen de afgelopen jaren al veel inzendingen die geheel of gedeeltelijk met AI waren geschreven. Volgens Horbach gebeurt nu iets vergelijkbaars bij onderzoeksbeurzen.
Hij beoordeelt regelmatig aanvragen voor de Vlaamse financier van wetenschappelijk onderzoek en ziet daar dezelfde stijging. “En de aanvragen zijn van een ander kaliber dan vroeger. Vroeger kwam je nog inzendingen tegen waarin onvoldoende aandacht was besteed aan inhoud of taalgebruik. Die waren makkelijk eruit te filteren. Nu is bijna alles strak en gepolijst.”
Bij nadere toetsing valt die gepolijste indruk volgens Horbach vaak weg: sommige kandidaten kunnen in een gesprek niet goed uitleggen hoe ze hun onderzoek willen uitvoeren.
“Zodra we onderzoekers uitnodigen voor een gesprek, schieten sommigen behoorlijk tekort”, zegt hij. “Ze kunnen niet goed uitleggen hoe ze hun onderzoek willen uitvoeren. Op dat moment hebben ze al een gespreksplek ingenomen die naar een sterkere kandidaat had moeten gaan.”
De beoordeling van aanvragen raakt uit balans
Een beursaanvraag dient er normaal gesproken voor om de beste ideeën en onderzoekers te selecteren. De eerste schifting gebeurt op papier. Als vrijwel alle voorstellen er even verzorgd uitzien, kunnen beoordelaars minder goed onderscheid maken. Dat betekent dat de echte selectie verschuift naar latere fases, zoals interviews, waar maar beperkt plek is.
Voor onderzoekers heeft dit ook een prijs. Zoals de NWO-woordvoerder aangeeft, kost een aanvraag veel tijd. Bij een slagingskans van minder dan tien procent, of zelfs onder vijf procent zoals bij de ERC, schrijft de overgrote meerderheid een voorstel dat niets oplevert. Voor Nederlandse wetenschappers, die zowel bij NWO als bij Europese programma’s aankloppen, betekent dit dat het op beide fronten moeilijker wordt om onderzoeksgeld te krijgen.
Wat er nu gebeurt
NWO bereidt zich voor op een slagingskans die voor ten minste één beurs onder de tien procent uitkomt, ver onder het eigen streefpercentage. De experts die Trouw sprak, noemen de huidige situatie onhoudbaar. Zolang het aantal beurzen gelijk blijft en het aantal aanvragen blijft stijgen, zullen de kansen per aanvrager volgens die logica verder afnemen.































